In veel plattelandsgebieden in Zuid-Afrika zijn veel afgelegen grote boerderijen met veel werknemers die niet zomaar toegang hebben tot medische zorg. Een bezoek aan een kliniek kost ze een werkdag, en dat betekent een dag minder salaris. Dat geld kunnen veel mensen niet missen, waardoor ze maar gewoon niet gaan. Vaak totdat het te laat is. Omdat het belangrijk is om HIV te ontdekken in een vroeg stadium is Ndlovu in 2004 in samenwerking met enkele grote boeren begonnen met het boerderijproject. Als de patiënt niet naar de kliniek komt, dan komt de kliniek naar de patiënt, is het idee erachter. Het belang voor de boeren zelf is een economisch belang dat langzaam doordringt in Zuid-Afrika: zorg ervoor dat je werknemers gezond blijven. Als je almaar meer ziekengeld moet betalen en nieuwe arbeidskrachten moet opleiden omdat je getrainde mensen te ziek zijn om te werken of zelfs sterven, dan verlies je meer dan als je investeert in de gezondheidszorg van je mensen.
Boer Schoeman:”Ik zag gewoon steeds meer van mijn goede mensen sterven aan TB of AIDS. Ik zat met de handen in het haar, waar haal je zoveel mensen vandaan die dat allemaal kunnen overnemen?
Alle werkgevers zullen eraan moeten: zorg voor je mensen, anders gaat AIDS-sterfte onze economie vernietigen. Fantastisch dat de kliniek hier op de boerderij komt, een echt Afrikaanse oplossing: een boer maak 'n plan.....”
Ongeveer tien procent van de werkende bevolking van Zuid-Afrika werkt op dit soort grote boerderijen. Een goede gezondheidszorg en HIV/AIDS-bestrijding bij deze groep is dus van levensbelang om de kwaliteit en kwantiteit van de voedselproductie op peil te houden. Dus gaat de mobiele kliniek elke dag naar een andere boerderij die aangesloten is bij het project.
Een AIDS-voorlichtingsteams gaat eerst naar de boerderijen toe om uitleg te geven en de fabeltjes over AIDS uit de wereld te helpen. De werknemers kunnen zich daarna gratis laten testen op HIV. Mensen die HIV-positief blijken te zijn, kunnen opgenomen worden in het HAART-project van behandeling met aids-remmers.
Na een jaar werken op deze manier, zijn de resultaten erg bemoedigend. Meer dan 60% van alle werknemers hebben zich vrijwillig laten testen, ongeveer 30% van hen is HIV-positief. Na de start van dit project zijn er nog maar 4 werknemers gestorven aan de gevolgen van HIV/AIDS. De andere HIV-positieve mensen slikken hun medicijnen. Meer dan 93 procent van hen is weer aan het werk.
Het Farm Project valt onder HAART en wordt mede gefinancierd door Right to Care, Stichting Liberty en Stichting Dioraphte.